Voorpublicatie: telt een rondje wielrennen zonder Strava post?

Voorpublicatie: telt een rondje wielrennen zonder Strava post?

In november komt Niet appen tijdens het eten uit. Deze moderne etiquette-gids maakt je wegwijs in het digitale tijdperk. Hieronder vind je een voorpublicatie uit het boek, dat antwoord geeft op de vraag: telt een rondje fietsen of rennen zonder post op Strava? We vroegen het Thijs Zonneveld.

Dit is een voorpublicatie uit Niet appen tijdens het eten. Je kan het boek hier bestellen.

Als een boom in een bos omvalt en er is niemand in de buurt om het te horen, maakt het dan geluid? Als je een rondje hardloopt of wielrent en je zet het niet op Strava, telt het dan wel? En waarom zou je niet meteen een grappig figuurtje maken, als vanaf een kaart te zien is welke route je hebt afgelegd? Welkom in de wereld van Strava-art en Stravaritis.

Meten is weten

Meten is weten, zo luidt het motto van het dataïsme. Alles wat we doen – of zelfs: zijn – valt te kwantificeren. Track je slaap, het aantal stappen per dag, je menstruatiecyclus en je hartslag en ontdek hoe het echt met je gaat. Knoop een smartwatch om je pols en ontdek de eindeloze bron van informatie in en over jezelf. Meet je slaap met een iPhone-app, check je bloeddruk met Withings, track je eet- en drinkgewoontes met Foodzy en meet je bewegingen met de Runkeeper-app of Fitbit-gadgets. Het idee van een Quantified Self, de meetbare ik, is steeds meer gemeengoed geworden. De Speld weet het idee treffend te bespotten in een titel met de headline: “Lichaam verbrandt geen calorieën omdat man was vergeten Strava aan te zetten.”

Wat maakt het idee van een meetbare ik nog aantrekkelijker? De mogelijkheid om je hardloop- of wielrenrondje te delen met vrienden, te kunnen pronken met je indrukwekkende prestaties en andere sporters in de gaten te houden. Enter Strava. De app is zo populair dat het afgelopen jaar, elke maand twee miljoen nieuwe gebruikers kreeg. Om de paar jaar verdubbelt het aantal gebruikers: twintig miljoen in 2016, 42 in 2019 en 96 miljoen gebruikers in 2022. Daarmee is het groter dan Runkeeper en Runtastic, eveneens populaire sportapps.

Sport verandert door Strava

Sommigen van die Strava-gebruikers maken er een sport van om grappige figuurtjes te lopen of fietsen. De app houdt bij waar je precies loopt of fietst, zodat na afloop een loop- of fiets-patroon op een kaart zichtbaar is. Dat zorgt voor grappige overzichten op de landkaart, zoals gezichten, olifanten of – waarom ook niet – een Peppa Pig.

De app zorgt niet alleen voor aparte routes, die tot grappige figuren leiden. Zonder meer zorgt Strava ook voor een andere sportbeleving. Kennis P fietst in een dag van Utrecht naar Berlijn en scoort daarmee meer dan tweehonderd likes. Hij wordt een held genoemd en de tocht episch. Zou hij deze tocht ook maken zonder Strava? De treinreis van zes-en-een-half uur lijkt me zonder die 200 likes toch aantrekkelijker. Zouden we zonder Strava ook nauwkeurig bijhouden hoe hard we fietsen of hardlopen, zodat we blaadjes met recordtijden op zoveel mogelijk prikborden op hangen, in de hoop dat andere sporters onder de indruk zouden zijn? Het is lastig om je aan de indruk te onttrekken dat we narcistischer zijn geworden door Strava.

Wat vindt Thijs Zonneveld er van?

De wielren-app biedt de mogelijkheid om zelfs een digitale trofee te winnen bij het claimen van een recordtijd in een bepaald gebied, segmenten of kommetjes genoemd. Een kommetje is jargon voor King (of Queen) Of the Mountain: iemand die het snelst een bepaald deel van een route aflegt. Dat klinkt onschuldig, maar dat is het niet altijd. Wielrenner William Flint overleed in 2010 tijdens de jacht op een record bij een parcour dat de heuvel afliep. Doordat zijn vaart heuvelafwaarts versnelde, knalde hij met vijfenzestig kilometer per uur tegen een auto, zo meldt De Standaard. Strava is zelfs aangeklaagd door de familie van William. 

Thijs Zonneveld is voormalig wielrenner, wielren-columnist, -journalist en -commentator en een fervent Strava-gebruiker. Ik vroeg hem naar zijn ervaringen met de app. Toen hij in 2007 stopte met ‘koers’ (jargon voor wedstrijden fietsen), liet hij een tijd zijn fiets verstoffen. “Tot Tim Krabbé me op Strava wees. Tim was altijd al bezig met het meten van zijn sportprestaties, dat lees je ook terug in zijn verhalen. Eerst snapte ik de lol van de app niet. Waarom zou je zo graag een record willen claimen op een bepaald stuk? Pas later greep het competitieve element me en zorgde het ervoor dat ik weer fanatiek ging wielrennen. Ik vond het plezier terug, want er kwam weer een doel in het fietsen, wat ik was verloren toen ik stopte met het rijden van wedstrijden. Als ik een kommetje kan veroveren of aanvallen, ben ik weer gemotiveerd. Daardoor ga ik ook op een regenachtige dag de weg op.”

De gamification (het spelelement) van Strava werkt dus: wie met een digitale trofee beloond wordt als hij of zij een recordtijd fietst op een bepaald stuk, gaat vaker de deur uit. “Dat hoort trouwens ook bij wielrennen. Bij veel duursporten wint de beste altijd; wie het hardst loopt, komt als eerste over de finish. Wielrennen kent een tactisch element, dat kan je ook een spelelement noemen, waarbij je je sterke punten moet benutten. Je ziet het ook terug in de sprints die er altijd zijn bij de plaatsnaambordjes op de weg. Wielrenners vinden het leuk om elkaar af te troeven en als eerste langs zo’n bordje te fietsen, dat is altijd zo geweest. Daarom is het veroveren van kommetjes ook zo populair is bij wielrenners.” 

Strava-ritis

Als het niet op Strava staat, dan is het niet gebeurd. Dat geldt niet alleen voor amateurwielrenners, maar ook voor de vrienden van Thijs Zonneveld. “Het klopt: als het niet op Strava staat, dan is het niet gebeurd. Dat is inmiddels wel de perceptie. Als je een bijzondere prestatie neerzet, dan wordt je wel geacht het op Strava te laten zien, dan is het tenminste te verifiëren. Zo haal je de bluffers eruit. Dat geldt ook voor de profs.”

Strava is een app voor amateur en professionele wielrenners, wat ervoor zorgt dat iedereen zich kan meten met Niki Terpsta en zijn collega’s. Thijs noemt dat zelfs een van de grootste charmes van het wielrennen: “De grootste wielrenners van de wereld rijden over dezelfde weggetjes als waar jij rijdt. Hoe cool is het om over de Mont Ventoux te fietsen en te zien welke tijd je helden neerzetten? Dat zorgt er ook voor dat duidelijker is hoe hard profs fietsen. Ter illustratie: welke amateurvoetballer kan nou trainen of spelen in Camp Nou?” Doordat Strava een app is voor amateurs en profs, biedt het profs ook de mogelijkheid om binding met hun fans te onderhouden. Door regelmatig hun prestaties te delen, blijven ze immers in contact met hun volgers.

Strava wordt door profs ook gebruikt om onderling contact te houden, vertelt Thijs. “Men maakt elkaar gek met lange en imponerende trainingen. De een traint zes uur, dus moet een ander zeven en de volgende acht uur. Dat gebeurde met name tijdens de lockdowns, toen er geen koers was en men toch krachten wilde meten. Annemiek van Vleuten gebruikt de app zelfs als tool voor psychologische oorlogsvoering. Ze deelt hoe vaak ze met de mannen meetraint en hoe hard ze fietst, om de anderen af te bluffen. Doordat profs zien wat de concurrentie doet, ervaren ze ook meer druk. Wielrenners op topniveau maken zich daardoor vaker zorgen of ze genoeg trainen, terwijl ze zichzelf vaak te veel belasten. Dit noemen we Stravaritis.”

Strava lijkt op andere social media

Hoe Thijs vertelt over Strava, doet denken aan Instagram of LinkedIn, waar we alleen de hoogtepunten van ons leven delen, wat voor onrealistische gedachten over ons eigen leven zorgt. “Wielrenners zijn absoluut steeds kritischer wat ze op Strava zetten. Een hersteltraining van een uurtje met een matige tijd plaats je niet, want dat is niet imponerend, maar een lange tocht op eerste Kerstdag is wel de moeite waard.” Die vlieger gaat ook op bij de amateurs. Sommige fanatieke gebruikers vermelden bij een post dat hun vriendin mee fietste, zodat duidelijk is waarom er geen recordtijd gefietst is.

De app verandert de sportbeleving. “Door Strava zijn mensen ook meer waarde gaan hechten aan heel hard fietsen. Prestaties zijn belangrijker geworden, op alle niveaus. Het werkt in de hand dat mensen meer tegen elkaar gaan fietsen, wat positief is, want beweging is goed voor ons. Het hoort ook een beetje bij de tijdgeest. Als je gaat fietsen, hoort er altijd wel een doel achter te zitten. Denk aan de fietstochten rondom de Alpe d’Huez voor het goede doel.”

Strava niet in de bebouwde kom

Is het dan alleen maar goed nieuws? “Een negatief element is dat men in dorpen en steden heel hard blijft fietsen, zodat hun gemiddelde snelheid op peil blijft. Maar het is natuurlijk onveilig om heel hard te fietsen in de bebouwde kom of in het Vondelpark. Daar zouden ze dan ook echt iets aan moeten doen. Ik doe ook niet mee met de prestaties rondom afdalingen: het is gevaarlijk om te snel een berg af te fietsen. Misschien is dat wel de Strava-etiquette: laat dat kommetje in de bebouwde kom of in de stad voor wat het is en verover kommetjes bergopwaarts.”

Vuistregels

  • Als het niet op Strava staat, is het niet gebeurd. Dat is een ietwat nihilistische levenshouding, die ervoor zorgt dat we de werkelijkheid alleen nog door een scherm meekrijgen. Het is prima om toe te geven aan je ijdelheid en je vrienden met mooie tijden op Strava te imponeren. Maar trek er ook af toe op uit om te genieten van het uitzicht of het gezelschap, zodat je de sport niet alleen als een kwantificeerbare exercitie, een oefening uitgedrukt in kilometers en minuten, ervaart.
  • Laat je niet gek maken door updates van anderen. Zelfs wielrenners gebruiken Strava om elkaar te imponeren en delen alleen de mooiste tijden en ritten. Het internet is niet de echte wereld.
  • Niet elke route leent zich voor een sprint. Beperk de Stravaritus tot veilige plekken en matig je snelheid in de bebouwde kom en bergafwaarts. 

Dit is een voorpublicatie uit Niet appen tijdens het eten. Wil je het boek bestellen? Bezoek dan deze pagina.